https://open.spotify.com/episode/7HPQX9Bi9Ah3oCSxnjXtL1?si=5e97051202c84428
<aside> 🎙️ Al je eieren in één mandje, dat moet je toch nooit doen? Stanley Druckenmiller doet het lekker toch en dat legt hem geen windeieren. Deze eigenzinnige belegger, die zichzelf in plaats daarvan een money manager noemt, is een scherpe geest in de financiële wereld en houdt er een unieke beleggingsfilosofie op na. Pim en Milou ontleden zijn gedachtegoed aan de hand van fragmenten met hemzelf en hebben het over position sizing, een pre-momentum strategie en fat pitches. Tot slot nog even over de grootste fout die een investeerder kan maken: het verkopen van een waanzinnig aandeel. En dat heeft in dit geval alles te maken met Nvidia…
</aside>
Deze aflevering gaat over Stanley Druckenmiller. Een van de scherpste geesten in de financiële wereld en misschien ook wel de meest winstgevende (na Renaissance Technologies van Jim Simons). Toch kan het dat je nog nooit van hem gehoord hebt. Veel interessante wapenfeiten staan op zijn naam, zoals het slopen van de Bank of England en 1 miljard dollar verdienen op één dag, daarover later meer. Ook is het een unieke belegger vanwege zijn bijzondere all-in beleggingsfilosofie. Die is wel totaal anders dan de grote beleggers zoals Terry Smith, Charlie Munger of Chuck Akre die we eerder hebben besproken. We gaan je alles over Druckenmiller vertellen aan de hand van fragmenten waarin we hem zelf ook horen. Maar eerst even een beetje bio.
De Amerikaan werd geboren in 1953 in Pittsburgh, Pennsylvania. Na het opdoen van een flinke studieachtergrond in economie en finance, begon hij zijn carrière ook daar. Op zijn 24e startte hij bij Pittsburgh National Bank als olie-analist. Al gauw werd zijn talent daar opgemerkt en werd hij gepromoveerd tot hoofd van de equity research afdeling. In 1981 was hij er klaar voor zijn eigen hedgefonds op te richten: Duquesne Capital Management, dat zou uitgroeien tot een van de meest succesvolle hedgefondsen aller tijden. Het heeft een verbluffend trackrecord. Over een periode van 30 jaar maakte dat fonds een gemiddelde jaarlijkse return van 30 procent maar nog opvallender: er is in die hele periode geen enkel verliesjaar geweest. Geen verlies in 30 jaar, kun je het je voorstellen?
“I’ve never made a buy at a low that I didn’t just feel terrible and scared to death making it. It’s easy to sell at the bottom. You can go home that night and it relieves you of your nerves. When things are going down it’s hard to buy them.” — Stanley Druckenmiller
In 2010 sloot hij het fonds, naar eigen zeggen omdat de constante druk om winst te maken hem te groot werd en zijn persoonlijke leven beïnvloedde. Hij wilde zich richten op filantropie en zijn familie, ook nog een weldoener dus.
Goed, even terug weer in de tijd, naar een cruciaal moment in zijn carrière. Dat was in 1988 toen hij werd uitgenodigd door George Soros (die later zijn mentor werd) om samen te werken bij het Quantum Fund. Stanley werd hier hoofd portfoliomanagement. Het hoogtepunt van die samenwerking was Black Wednesday, in 1992. Soros en Druckenmiller voorspelden correct dat de Britse pond overgewaardeerd was en zetten een massale shortpositie op tegen de munt. Ze kregen gelijk en verdienden 1 miljard dollar in 1 dag. Wat hierover gezegd werd was dat ze de Bank of England hadden gebroken, gesloopt - en de rol van Druckenmiller in deze operatie bestendigde zijn status als één van der scherpste geesten in de financiële wereld al helemaal.
Nu, wat Druckenmiller bijzonder maakt is zijn beleggingsfilosofie. Het is een ontzettend geconcentreerde belegger. Hij legt namelijk al zijn eieren in één mandje. Als hij ergens in gelooft, er echt van overtuigd is, dan neemt hij een agressief grote positie in. Dát is uiteindelijk hoe je je winsten maximaliseert, aldus Stanley. Dit wordt samengevat in zijn beroemde uitspraak: “The way to build long-term returns is through preservation of capital and home runs.”
Hoe komt hij bij dat ene mandje terecht? Wat is zijn strategie? Daarvoor heeft Druckenmiller een soort top-down benadering. Het begint met een globale, economische outlook. Hij kijkt naar macro-trends en op basis daarvan maakt hij zijn keuzes. Vervolgens gaat hij dus vol voor het bedrijf of de markt waarvan hij denkt dat het een outperformance kan maken, afhankelijk van bedrijfsspecifiek onderzoek en economische voorspellingen. Klinkt nu nog een beetje theoretisch, maar is waanzinnig interessant en daar komen we straks zeker op terug.
Een ander dingetje dat kenmerkend is voor de stijl van Druckenmiller is zijn risk management. Een veelgehoorde quote is: “The first thing I do is figure out how much money I could lose.” Het belangrijkste volgens hem is niet altijd gelijk hebben, maar vooral niet te veel verliezen als je ernaast zit. Teven is hij heel flexibel in zijn handelen en altijd bereid om zijn positie aan te passen als de brede markt verschuift (zoals we zagen op Black Wednesday in 1992 en bij de Britse pond). Daarnaast is er veel van hem te leren wat betreft het verkoopmoment, dat (net als het aankoopmoment) genoeg aandacht krijgt.
Een paar wapenfeiten. Eind jaren negentig zat hij flink in de techaandelen. Hij dacht, gelet op de macro-economie, daar veel groei te behalen. Dat ging goed tot 2000, maar hij was er niet op tijd bij om verlies te voorkomen. Een zeldzame misstap in zijn carrière. Het ging wél goed in de financiële crisis van 2008. Hij had daar goed op geanticipeerd waardoor zijn fonds er niet onder leed. Dat noemen we ook wel antifragile.
Deze beurslegende leeft nog, maar hij is wel met pensioen. Hij is 70 jaar en tegenwoordig vooral fervent filantroop. Zo heeft hij behoorlijke bedragen gedoneerd aan onderwijs en medisch onderzoek.
Hoe ziet zijn portfolio er nu uit? Ik neem je mee. Het grootste deel, 15 procent, zit momenteel in een ETF! Tot voor kort was zijn portfolio, geheel in lijn met zijn filosofie, erg geconcentreerd. De helft van zijn portfolio zat in vier aandelen: Microsoft was de grootste, daarna Coupang (een beetje de Zuid-Koreaanse Amazon), NVIDIA op de derde plek en tot slot de farmaceut Eli Lilly. Recentelijk heeft hij in ieder geval Nvidia voor een groot deel gesloten en is zijn grootste positie nu de iShares Russel 2000 ETF die zo’n 2000 Amerikaanse smallcaps dekt en goed is voor 8 procent van de totale Amerikaanse aandelenmarkt.
In deze podcastaflevering duiken we diep in zijn unieke beleggingsfilosofie. Verder behandelen we de punten waar hij bekend om staat: fat pitches, position sizing, pre-momentum en multi assets. Ookal is hij niet een belegger in de ‘traditionele’ zin, met een jaarlijks return van 30% over drie decennia, zijn er altijd waardevolle lessen te leren.
Druckenmiller staat bekend om zijn concept van de 'fat pitch'. Dit concept is geïnspireerd door een idee uit het honkbal, waar een 'fat pitch' een makkelijk te raken bal is. In beleggingscontext betekent dit dat beleggers moeten wachten op uitzonderlijk gunstige kansen voordat ze significant investeren.
“The key to money management. It's making a lot of money when you're right and minimizing it when you're wrong.” — Stanley Druckenmiller